Sta je in de winkel (of op Mercado Libre) naar eindeloze rijen wasmachines te staren en denk je: “Help, welke maat heb ik in vredesnaam nodig?”
Te groot is zonde van water, stroom en geld. Te klein en je bent elk weekend drie keer aan het wassen. Tijd om dat in één keer goed te doen.
Stap 1: Bepaal eerst de juiste capaciteit (dit is echt het belangrijkst)
Bij wasmachines gaat “maat” niet over de afmetingen, maar over capaciteit in kilo’s: hoeveel droge was er in één keer in kan, zónder dat de machine zich kapot werkt.
Belangrijk om te weten: hoogte en breedte zijn vaak bijna altijd gelijk. Het verschil zit vooral in de diepte: hoe dieper, hoe groter de trommel.
Grofweg zijn er drie categorieën:
Kleine wasmachines: 6–8 kg
Ideaal als je:
- Alleen woont
- In een klein appartement zit
- Nauwelijks grote stukken wast (dekbedden, dikke plaids)
Kenmerken:
- Ongeveer tot 48 cm diep
- Past makkelijk in krappe hoekjes
- Perfect voor dagelijkse kleding en kleine beddengoedstukken
Nadeel: een groot dekbed of dikke gordijnen? Grote kans dat je naar de wasserette moet.
Middelgrote wasmachines: 9–11 kg
Dit is de “sweet spot” voor veel huishoudens.
Perfect als je:
- Met z’n tweeën woont
- Misschien een huisdier hebt
- Af en toe beddengoed, dekbedden of sportkleding wilt meewassen
Kenmerken:
- Ongeveer 55–60 cm diep
- Goede balans tussen capaciteit en energieverbruik
- Genoeg ruimte om de wekelijkse was + beddengoed te doen zonder drie rondes te draaien
Voor veel koppels is dit de ideale maat: groot genoeg voor een “weekwas”, klein genoeg om niet overdreven veel water en stroom te gebruiken.
Grote wasmachines: 11 kg en meer
Dit zijn de krachtpatsers.
Geschikt als je:
- Met een gezin van vier of meer woont
- Regelmatig grote stukken wast (dekbedden, gordijnen, dikke truien)
- Liever één of twee grote wasbeurten per week doet dan elke dag een kleintje
Kenmerken:
- Vanaf ca. 11 kg, soms zelfs tot 16–29 kg
- Vereist meer ruimte in de wasruimte
- Kan dagelijkse was én af en toe iets “oversized” (groot dekbed, dikke plaid) aan
Let op: een 25 kg-machine voor twee personen is meestal overkill. Je betaalt dan voor capaciteit die je bijna nooit benut en je verbruikt onnodig veel water en energie.
Stap 2: Hoe vaak was je en hoe vol zijn je manden?
Je wasgedrag is net zo belangrijk als met hoeveel mensen je woont.
- Was je bijna elke dag?
Dan kun je prima met een kleinere of middelgrote machine, omdat je nooit gigantische bergen was tegelijk hebt.
- Spaar je alles op voor het weekend?
Dan is een grotere capaciteit handig, zodat je die berg in minder rondes wegwerkt.
Kort gezegd:
Hoe minder vaak je wast, hoe groter je machine idealiter moet zijn.
Stap 3: Check je beschikbare ruimte (voordat je verliefd wordt op een model)
Niks zo frustrerend als een wasmachine die technisch perfect is… maar niet door de deur of tussen twee muren past.
Let hierop:
- Meet de diepte van je wasplek. Grote machines zijn vooral dieper.
- Vergeet ruimte achter de machine niet voor slangen en ventilatie.
- In kleine appartementen zijn compacte modellen (kleine of smalle wasmachines, of was-droogcombinaties) vaak de slimste keuze.
Als je weinig plek hebt, is het soms beter om een iets kleinere capaciteit te nemen die wél makkelijk past, dan een enorme machine die alles blokkeert.
Stap 4: Wat voor soort was doe je eigenlijk?
Niet alle was is gelijk. Een stapel T-shirts is iets anders dan een dekbed of dikke gordijnen.
Denk hieraan:
- Was je vaak dekbedden, spreien of dikke dekens?
Dan heb je echt baat bij minstens een middelgrote, liever grote machine.
- Heb je sportkleding, trainingspakken, dikke hoodies?
Dat zijn volumineuze stoffen: ze nemen meer ruimte in dan je denkt.
- Veel huisdieren?
Dan was je waarschijnlijk vaker en met zwaardere, pluizige stoffen (dekens, kussens, hoezen). Een grotere trommel is dan praktischer.
Kleine machines kunnen volumineuze stukken simpelweg niet goed draaien: de trommel raakt te vol, de stof verdeelt zich niet, en het resultaat is half schone was en een uitgeputte machine.
Stap 5: Vul je machine niet te vol (en ook niet te leeg)
Merken als Siemens wijzen er duidelijk op: als je de trommel overlaadt, gaat het mis.
Wat er gebeurt als je te veel inlaadt:
- Het wasmiddel circuleert niet goed, je was wordt niet echt schoon
- De machine moet harder werken, wat onderdelen kan beschadigen
- De druk tijdens het centrifugeren kan kleding scheuren of interne onderdelen aantasten
Vuistregel: er moet altijd nog een hand plat bovenop de was in de trommel passen.
Is er veel lucht en ruimte over? Dan draai je misschien te vaak kleine wasjes in een té grote machine en verspil je onnodig water en energie.
Stap 6: Overweeg een was-droogcombinatie
In veel huizen is de ruimte zó beperkt dat een aparte droger geen optie is. Dan kan een was-droogcombi slim zijn.
Die zijn er ook in verschillende capaciteiten, maar let op: de droogcapaciteit is meestal lager dan de wascapaciteit.
Heb je weinig plek en een klein huishouden, dan is dit vaak de meest praktische keuze.
Snelle beslischeck: welke wasmachine past bij jou?
- Je woont alleen, klein appartement, geen grote dekbedden: 6–8 kg
- Jullie zijn met z’n tweeën, soms beddengoed en sportkleding: 9–11 kg
- Gezin met kinderen, veel was, dekbedden, gordijnen: 11–16+ kg
- Nauwelijks ruimte, maar je wilt ook drogen: compacte was-droogcombinatie
Zo voorkom je dat je eindigt met een “monster” dat je zelden vult, of een mini-machine die elke week overuren draait.


